Public-domain ebook
Door Centraal-Oceanië De Aarde en haar Volken, 1908
Language: nl340 downloads on Project Gutenberg
Subjects
In: De Aarde en haar Volken·Travel Writing·History - Other
Public-domain ebook sourced from Project Gutenberg #17305.
Public-domain ebook
Language: nl340 downloads on Project Gutenberg
Subjects
In: De Aarde en haar Volken·Travel Writing·History - Other
Public-domain ebook sourced from Project Gutenberg #17305.
The opening · free to read
In den Stillen Oceaan.--Een kolonie die men elkander betwist.--De Fidsji-eilanden.--Een Venetië van de Fidsji-eilanden--Een oud-kannibaal engelsch ambtenaar.--Het gemeenschappelijke huis.--Praatje over de vrouwen.--Een verdwijnend volk en de emigratie.--Toekomst van Suva.
Wij vertrokken van Tahiti tegen het eind van het jaar 1900, om een kruistocht te ondernemen in de westelijke archipels van Polynesië, met name naar de Fidsji-eilanden, Wallis en Futuna.
Zulk een reis had vroeger werkelijk politieke beteekenis, want die kleine staten, die buiten de sfeer van actie der Europeanen waren gebleven, stonden nog altijd onder hun eigen vorsten en hoofden.
Al sinds langen tijd had Frankrijk, dat helder inzag welk voordeel er te trekken viel van het werk der zendelingen, de gewoonte, jaarlijks een zijner schepen naar de Stille Zuidzee te zenden, om tegelijk met het steunen van wettige aanspraken van onze landgenooten onze vlag bekend te maken en den grond voor den lateren oogst voor te bereiden. Dank zij der volharding en der geestkracht van onze marinecommandanten en officieren heeft het werk der paters Maristen zich kunnen uitbreiden.
Maar nu is in het volkenrecht aangenomen, dat godsdienstige ondernemingen niet voldoende zijn, om tusschen beschaafde naties rechten te scheppen op zekere voordeelen. De weg, door de paters ingeslagen, was niet verder gevolgd door onze kolonisten; die zijn niet in de afgelegen oorden verschenen in voldoenden getale, om zelfs maar onze tahitiaansche bezittingen te bevolken; zij hebben in zulk een mate de kantoren verwaarloosd, door de Franschen bezet, dat wij tijdens onze langdurige reis hoogstens drie of vier landgenooten hebben ontmoet.
Daarvan is het gevolg geweest, dat anderen de plaats hebben ingenomen; engelsche en duitsche en amerikaansche landverhuizers zijn uit Hamburg, Australië en San Francisco gekomen, zoodat op den dag der afrekening Frankrijk niet in staat is geweest, een enkel handelsbelang te stellen tegenover de reeds verkregen rechten van de mededingers. Zoo hebben wij in de verdeeling van de eilanden van den Grooten Oceaan slechts een zeer klein aandeel gehad, namelijk het protectoraat over Wallis en Futuna, die om hun geringe economische waarde volkomen over het hoofd waren gezien.
De Fidsji-eilanden behooren sedert 25 jaren aan Engeland: de Samoa-eilanden en de Tonga-archipel waren wel onafhankelijk gebleven tot het eind van het jaar 1899, maar de eeuw, die hun bestaan aan de wereld had geopenbaard, zou ook het verlies van hun vrijheid aanschouwen.
Wij zullen zien onder welke omstandigheden ze die hebben verloren; laat het nu genoeg zijn, te zeggen, dat onze kruiser een der laatste was, die de inboorlingen aantrof, levend onder hun eigen wetten. Weldra zal er geen eigenlijk Oceanië meer bestaan. In de schaduw van den zwarten adelaar van Duitschland, in den ijzeren greep van Jonathan of den klauw van den luipaard, altijd zullen de verleidelijke eilandengroepen uit de zuidelijke zeeën gedaald zijn tot den rang van eenvoudige koloniën.
De klassieke tocht langs de zendingsposten zal slechts van ondergeschikt belang wezen; het is zelfs zeer twijfelachtig, of de regeering die nog wel zal bevelen, want datgene, wat wij eerst volbrachten met de geheime hoop, ons expansiegebied te vergrooten, is tot niet veel anders geworden dan tot een gewoon toezicht zonder toekomst en zonder doel ten opzichte van volken, die met ons van gelijken rang zijn.
Ze zijn dus voor altijd voorbij, de tijden van de luid erkende protectoraten, van de plechtige onderhandelingen en de polynesische feesten ter eere van onze vlag!....
Maar op den avond, toen wij met volle zeilen uit de haven van Papeete vertrokken, dachten wij niet over die soort van dingen. Het heerlijke eiland verhief zijn reuzenkegel naar de lucht; links teekende Moorea in den violetten nevel zijn stoute bergen af met de prisma's en obelisken van lava. Zoo moest voor de verbeelding van de Bretagners onder onze bemanning Ys zich voordoen, de gevloekte stad, die oprees uit de bretonsche zee.
Wij zetten koers naar de Fidsji-eilanden, en de eentonige vaart begon. In de oneindigheid der Stille Zuidzee komt men niets of bijna niets tegen. Zeer zelden gaat een zeilschip voorbij in de verte in den glans van het tropische licht; nu en dan komt een eiland met zijn vaag silhouet de onbewegelijke lijn van den horizon breken, en dan is het nog dikwijls, wat een schip geleek, slechts een verlaten rots als Mathew, Fearn of Pijlstaart.
Wolken van zeevogels, die zich in deze eenzame oorden veel ophouden, maken zich in kleinere groepjes op, om het schip te verkennen. Zij verschijnen van alle grootten en kleuren; meeuwen en stormvogels, albatrossen en fregatvogels omzwerven in menigte de masten en scheren langs de zeilen met luid geschreeuw. En dan, vermoeid van hun nuttelooze reis, zoeken ze spoedig hun steile klippen weer op, die ze in 't algemeen enkel verlaten, om een paar vliegende of andere visschen te vangen. Enkele van die gevleugelde volgers zetten den tocht voort, tot ze er uitgeput bij neervallen en laten zich dan met de hand vangen.
Na acht dagen waren we in de Korozee, zoo noemt men die streek van den Stillen Oceaan, waar de Fidsji-eilanden liggen.
Alle eilandengroepen van Centraal-Oceanië hebben hun oorsprong te danken aan onderzeesche vulkanische uitbarstingen. Er is veel getwist over de vraag, of deze streken opgeheven zijn in den laatsten tijd of dat ze een daling hebben ondergaan. Het is vrij zeker, dat de plutonische beweging, die Polynesië in het leven riep, van betrekkelijk jongen datum is. De eenen houden vol, dat er eertijds op die plek een uitlooper lag van het groote australische continent; anderen beweren, met grooter waarschijnlijkheid, dat het land is ontstaan te midden der zeeën. Hoe het zij, de archipels bestaan uit twee soorten van zeer verschillende eilanden, de hooge gronden, welker toppen boven de oppervlakte der zee uitsteken tot een hoogte van soms wel 2500 meter, en die schilderachtig en vruchtbaar zijn, met diepe dalen, door stroomen doorsneden, waar men gemakkelijk onder den weelderigen plantengroei de lavastroomen kan herkennen, en de lage gronden, waar de bodem uitsluitend uit koraalgesteente bestaat.
De wording van die atollen is moeilijker te verklaren. De oplossing, die intusschen het waarschijnlijkst lijkt, is die van den amerikaanschen professor Ageussy. Die geleerde schrijft de atollen toe aan het feit, dat de koraaldieren hun kalkwoningen hebben gebouwd tegen de riffen en hun reuzenmuren hebben opgetrokken tot boven het niveau der zee. (De Franschman blijkt hier de theorie op het oog te hebben van Agassiz.) Een vulkanische uitbarsting zou den ondergrond een weinig hebben opgehoogd, de kalkranden, die uit het water werden opgeheven en door de levende koraaldieren verlaten, zouden achtereenvolgens uitgedroogd zijn. Nadat vervolgens zich een laag humus op de eilanden zou hebben gevormd, zou de plantengroei er wortel hebben geschoten ook onder medewerking van de verschillende kiemen, die door de stroomingen werden aangevoerd.
De Fidsji-eilanden zijn zeker een der merkwaardigste voorbeelden van de werkzaamheid der koraaldieren. Men kan zeggen, dat de Korozee bezaaid is met kleine eilandjes, atollen en rotsen, die reuzenlagen vormen van verscheiden duizenden kubieke meters.
Die Korozee is tegenwoordig goed bekend; maar het was vroeger niet gemakkelijk, vóór de noodzakelijke peilingen waren gedaan, er zonder gevaar binnen te dringen; men moest er overdag "op het oog" varen en alleen bij helder weer, daar de eilanden als in een dichten kring lagen, waardoor de toegang tot de binnenzee afgesloten werd. Nu zijn een paar goede toegangen bekend.
Men kan zich geen meer oceanisch landschap denken dan dat tusschen die eilanden, met rechts en links de beboschte rotsen even boven de blauwe golven. De grond is overal met kokospalmen bedekt, den boom bij uitstek voor deze streken geschikt, en die in alle behoeften van de bewoners voorziet. De zandige kusten, wit als uitgebleekt door de zon, weerspiegelen het licht. De groene wuivende kronen der palmen zijn het eenige blijk van leven in de eenzame contreien, en men vraagt zich af, welke eigenlijk de bestemming van dit land is. In de duisternis der eeuwen zijn de oneindig kleine dieren aan den opbouw bezig geweest, en het heilzame toeval heeft er doen ontkiemen de plant, die voor den schipbreukeling alles waard is, omdat ze de kokosnoot levert, wier vleesch en melk hem in het leven houdt, door hem voor honger en dorst te behoeden.
Veel van die kleine eilandjes verdwijnen het eene na het andere, kort nadat ze boven water zijn te voorschijn gekomen en gaan als een luchtspiegeling onder in den afgrond van lucht en water.
In de open zee buiten den kring verandert de strooming telkens van richting, en wij moeten voorzichtig varen. In de binnenzee gaan korte golven, veel verschillend van de breede in den Stillen Oceaan.
Den volgenden morgen landden wij bij donker weer aan den zuidkant van Viti Levoe. De Fidsji-eilanden bestaan uit ongeveer 250 eilanden, waarvan minstens honderd volkomen onbewoond zijn. De beide hoofdeilanden zijn Venoea Levoe en Viti Levoe, het laatste bewoond door 50 000 inwoners ongeveer, het eerste door 40 000.
Viti Levoe is een vulkanisch eiland met bergen van 4000 voet. Men vindt er warme bronnen, waarin het heete water, van 93 tot 98 graden, warm genoeg is om er aardvruchten in te koken. Een strook koraalrots omgeeft het geheele eiland, zoodat er slechts weinig plaats over is voor de schepen. Langs het koraalrif varend zagen wij het panorama van Viti Levoe zich voor ons onthullen, terwijl de zee met schuimende golven tegen de rotsen sloeg.
Op de zuidkust, die eerst geheel verlaten was, maar waar een uitstekende rede werd gevonden, hebben de Engelschen de haven Suva gesticht, op de plek van het oude Ovaloe.
Wij ankerden te Suva in nevelachtig weer, waardoor de invaart nog al gevaarlijk was; maar het kanaal wordt goed door bakens aangewezen, die wij nog door den nevel konden onderscheiden. De herinnering aan het slechte weer, dat we den vorigen dag hadden gehad, deed ons met te meer genoegen de kalmte waardeeren, nu ons anker in een zandigen bodem geankerd was en de zee zoo rustig was, dat de schepen er kunnen blijven zelfs in de hevigste cyclonen. De Engelschen hebben belangrijke werken aan de haven uitgevoerd; o.a. hebben ze een groote pier gebouwd, waar de stoombooten zelfs bij laag water kunnen aanleggen.
De handel van het eiland is in handen van australische en nieuw-zeelandsche stoomvaart-maatschappijen, en ook in die van amerikaansche zeilschepen met vier of vijf masten. Dit type van schepen komt trouwens veel voor in de Stille Zuidzee, want het is zeer geschikt voor de vaart in de tropen.
Wij hadden in de scheepsberichten gelezen, dat er veel haaien in den Archipel voorkwamen; maar nooit hadden we ons kunnen voorstellen, dat ze zoo talrijk zouden zijn. Opgejaagd door den storm, die buiten woedde, waren ze zeker kalm de baai ingezwommen achter ons schip, en wij ontdekten daar hun ruggen, die echter, toen onze kogels er enkele hadden gewond, spoedig verdwenen.
The book keeps going
Reading is free forever. Sign up and watch scenes appear while you read.



Scenes Storieta drew for other classics.
New illustrated classics
Once or twice a month: the latest books to get full character casts, scene art, and free comic editions. No account needed.