
Public-domain ebook
Legenden en Romances van Spanje
by Lewis Spence
Language: nl451 downloads on Project Gutenberg
Subjects
In: Mythology, Legends & Folklore·Essays, Letters & Speeches
Public-domain ebook sourced from Project Gutenberg #31198.

Public-domain ebook
by Lewis Spence
Language: nl451 downloads on Project Gutenberg
Subjects
In: Mythology, Legends & Folklore·Essays, Letters & Speeches
Public-domain ebook sourced from Project Gutenberg #31198.
The opening · free to read
Sedert de dagen van Southey heeft de Spaansche romantische literatuur niet die belangstelling van Engelsche schrijvers en kritiek genoten, waarop zij ongetwijfeld aanspraak heeft. In geen enkel land van Europa heeft het zaad van de Romantiek zóó gemakkelijk wortel geschoten, of is het tot zulk een weelderigen bloei gekomen als in Spanje, waar de geaardheid van het volk nog duidelijker te voorschijn trad uit de ridderverhalen, dan dit het geval was in Frankrijk of Engeland. Denken wij bij het begrip Ridderlijkheid niet het eerst aan Spanje, aan zijn eeuwenlangen strijd tegen de heidensche overweldigers van Europa, aan zijn gevoel voor persoonlijke en nationale eer? Denken wij niet aan den Cid Campeador, aan Gayferos en Gonzalvo de Cordova, reusachtige geharnaste schimmen, een pantheon van helden, ver uitstekende boven alles, wat de oorlogslegenden van andere landen ons te aanschouwen geven. Het heldendicht van Koning Arthur, de Fransche chansons de gestes, zijn bijna evenzeer uitvloeisels van volksoverleveringen als van de verbeelding der zangers, die er het eerst een letterkundigen vorm aan gaven. Maar bij de Spaansche romances speelt de folklore een onbeteekenende rol, en de ridderlijke verdichtsels zijn òf gebaseerd op geschiedkundige gebeurtenissen òf zij zijn voortbrengselen van die schitterende en sprankelende fantasie, die alles kenmerkt, wat dit Schiereiland aan literatuur heeft voortgebracht.
Ik heb meer plaats gegeven aan die verhalen, die het verband bewijzen tusschen de Fransche chansons de gestes en de Spaansche cantares de gesta, dan de meesten mijner voorgangers hebben gedaan, die over Castiliaansche romantiek schreven. Behalve Fitzmaurice Kelly, de begaafde schrijver over Spaansche letterkunde, is mij geen enkel Engelsch schrijver bekend, die aan dit belangrijke onderwerp zijn aandacht heeft gewijd. Mijn eigen opvatting over het volkomen ontbreken van Moorschen invloed op de Spaansch romanceros, wordt gesteund door critici, die veel beter dan ik in staat zijn dit vraagstuk te beoordeelen; maar bij de behandeling van de ballade heb ik mijn eigen weg gevolgd, en ik meen hiertoe gerechtigd te zijn door een jarenlange studie van dit onderwerp, dat zoo ten volle mijn belangstelling en liefde heeft. Mijne vertalingen zijn dan ook niet slechts een wedergave van den inhoud, doch het zijn een getrouwe en nauwkeurige overzetting van de oorspronkelijke balladen.
Ik heb ernstig getracht, mijn lezers een overzicht te verschaffen van de Spaansche romantische literatuur, die tot uitdrukking is gekomen in de cantares de gesta, de ridderverhalen, romanceros en balladen, en in zangen van meer teederen aard. In de verschillende hoofdstukken zal de lezer een uitvoerige beschrijving vinden van al deze uitingen der Spaansche letterkunde.
Wanneer dit werk er toe zou bijdragen, dat de belangstelling van enkele lezers zou worden gewekt voor de edele Castiliaansche taal, dan zou het aan zijn doel hebben beantwoord. De werkelijke schoonheid van deze verhalen ligt verborgen achter de sluiers van een taal, onbekend aan het grootste deel van het lezende publiek; zij kan slechts worden bevrijd door de tooverstaf van de studie. Dit boek bevat slechts de armzalige afspiegeling en de zwakke wedergave van verborgen wonderen.
INHOUD.
Hoofdstuk Bldz.
I. De Bronnen van de Spaansche Romance 1 II. De »Cantares de Gesta« en de »Poema del Cid« 40 III. »Amadis de Galliër« 82 IV. Vervolg van »Amadis de Galliër« 132 V. De Romances van Palmerin 164 VI. Catalonische Romances 181 VII. Roderick, de laatste der Gothen 198 VIII. »Calaynos de Moor«, »Gayferos« en »Graaf Alarcos« 211 IX. De Romanceros of Balladen 221 X. Vervolg van de Romanceros of Balladen 241 XI. Moorsche Romances van Spanje 252 XII. Verhalen van Spaansche tooverkracht en hekserij 323 XIII. Humoristische Romances van Spanje 342
HOOFDSTUK I. DE BRONNEN VAN DE SPAANSCHE ROMANCE.
Het teedere Fransche liefdeslied, De zangen van 't schoone Brittanje, Legenden van het zwaard en de speer, Geboren in Allemanje, Dit alles verbleekt bij de kleurige pracht Der balladen van 't oude Spanje!
Wanneer een vreemdeling op zijne reizen rust zou zoeken in een tuin van het oude Granada, onder een afdak van citroen- en moerbeibladeren, en zijn oor zou openen voor de melodieën der wateren van de Granaatappelstad, en zijn geest voor de betoovering van hare atmosfeer, dan zou het hem gemakkelijk vallen te gelooven dat in de dagen, toen hare kleuren minder teeder en hare verrukkelijke lucht misschien minder verkwikkend was, de harpen harer zangers de weefgetouwen waren, waarop de weefsels van de romance ontstonden. Bijna instinctief zal hij den indruk krijgen, dat de Spanjaard, die dit paradijs herwonnen heeft, na eeuwen van ballingschap, en die aangeraakt werd door de betooverde echo's van de Moorsche muziek, die daar nog rondzweefden, werd opgewekt tot hartstochtelijke lofzangen op die helden van zijn ras, die zoo onafgebroken hadden gestreden en zooveel hadden opgeofferd, om het te herwinnen. Maar wanneer hij de Sierra del Sol zou beklimmen en door de betooverde vertrekken van het Alhambra zou dwalen, zooals een kind door het land der droomen, dan zou hij in zijn hart zeggen, dat de menschen, die deze kamers bouwden uit den regenboog, en deze muren beschilderden van het palet van den zonsondergang, ook het onzichtbare, doch daarom niet minder schitterende paleis van de Spaansche Romance opbouwden.
Of als iemand, wandelende in de schaduwen van Cordova, peinst over de Moskee Maqsure, welker deuren van Andalusisch staal toegang gaven aan dichters en sterrewichelaars, of wanneer hij denkt aan het paleis van Azzahra, gebouwd van rozerood en zeegroen marmer, geroofd uit de Byzantijnsche kerken van Ifrikia, zal hij dan niet gelooven, dat in deze stad van verwoeste pracht en vernielde betoovering de passiebloem van de Romance in volle heerlijkheid opbloeide?
Maar wij kunnen de tonen der vergeten melodieën niet meer vinden, noch kunnen wij samenvoegen het mozaïk van verbroken harmonieën in de warme en klinkende stad der Saracenen, evenmin als in de »mijn van zijde en zilver«, het oude Granada; noch te midden van de marmeren overblijfselen van Cordova, waar het marktplein overstroomd was met de geschilderde perkamenten van Moorschen zang en wetenschap. Wij moeten ons afwenden van het bloeiende Zuiden, en de kale hoogten van Castilië en Asturië beklimmen, waar het Christelijk Spanje gedurende 500 jaren gevangen was op eene dorre en verschroeide vlakte en waar geboren werd een diepe hartstocht van vaderlandsliefde en zelfopoffering, die uiting vond in heerlijke krijgszangen, waarvan de echo's tusschen de bergen weerklinken als spook-klaroenen op een vergeten slagveld.
Afzondering en toewijding aan een nationale zaak zijn machtiger prikkels tot de ontwikkeling der romantiek, dan een atmosfeer van Oostersche weelde. De borsten van deze strenge bergen brachten melk voort, zoeter dan de wijn van Almohaden, en liederen ontstonden in Burgos en Carrión, ontroerender, zij het dan ook minder fantastisch, dan ooit ontsprongen aan de guitaren van Granada. Maar de nooit eindigende strijd tusschen Arabier en Spanjaard bracht met zich mede een voortdurende uitwisseling van den zinnelijken geest van het Zuiden en de ruwere mannelijkheid van het Noorden, zoodat ten slotte het Saraceensche goud het staal van het Spaansche lied versierde, en de Spaansche ziel gevangen werd in de netten van de Oostersche fantasie. In lateren tijd verzachtte eene openlijke bewondering voor de kunst en beschaving van den Moslim den ouden haat, en de Moorsche cavalier bootste de ridderlijkheid, zooal niet de dichtkunst na, van den Castiliaanschen ridder. [1]
DE BAKERMAT VAN HET SPAANSCHE LIED.
Het vaderland van de Spaansche overlevering was inderdaad een geschikte kweekplaats voor het ras, dat gedurende eeuwen iederen duim van het Schiereiland moest betwisten aan een vijand, die oneindig veel bedrevener was in de kunst van oorlogvoeren, al was hij dan ook de mindere in doortastendheid, en al ontbrak hem de geest van saamhoorigheid.
Te midden van de dorre woestenijen van het Noorden van Spanje, die tegenwoordig bekend zijn als rijk aan mineralen, vindt men onverwachts weelderige en vruchtbare valleien, ingebed tusschen een steile, vulcanische bergketen, aan den voet waarvan dichte eiken-, kastanje- en dennebosschen verrijzen. Deze dalen, door hunne ligging beschut tegen de ijzig scherpe winden, die van de Pyreneeën jagen, bieden betrekkelijk dezelfde levensomstandigheden als het zachtere Zuiden van het land. Ofschoon door den onderlingen afstand het verkeer tusschen de verschillende dalen gering was, waren deze toch voor de Spaansche Christenen het toevluchtsoord, waarheen zij kwamen om nieuwe krachten te verzamelen en hun geest te sterken voor den grooten strijd tegen de Saracenen.
In dezen eeuwenlangen strijd werd Christelijk Spanje ongetwijfeld gedragen door een diep gevoel van saamhoorigheid en het bezit van een gemeenschappelijke taal, factoren, die het behoud zijn geweest van menig volk, dat in een even wanhopigen toestand verkeerde; en misschien is hun vaste wil, het verloren paradijs van het Zuiden te herwinnen, wel het beste bewijs voor de waarheid van de theorie, dat vóór het tijdperk der Saraceensche overheersching, de Castiliaansche taal slechts een samenraapsel was uit de elementen van de Romeinsche lingua rustica en het onbeschaafde Gothisch, en volgens sommige autoriteiten, zonder bepaalde taalregels of een taaleigen. [2] Zeker is het, dat de eindphase in de ontwikkeling van het Castiliaansch plaats vond na den uitval der Arabieren, maar wij zouden te groote waarde hechten aan het gebrekkige bewijs, dat wij bezitten, wanneer wij beweerden, dat de gangbare Castiliaansche taal, onmiddellijk vóór die periode, niets was dan een patois, zonder regels of methode.
ROMEINSCH EN VISIGOTHISCH.
Toen in het 1e gedeelte van de vijfde eeuw de Visigothen, als achterhoede van de Vandalen, het Romeinsche Spanje binnentrokken, bouwden zij niet voort op de overblijfselen van zijne beschaving, doch zij behielden de gewoonten van hun Noordelijk vaderland, en zij schijnen gedurende eenige geslachten weinig te zijn beïnvloed door de Romeinsche cultuur. Ook vond de Latijnsche taal van het volk, dat zij overwonnen hadden, weinig aanhangers onder hen, ofschoon zij door hun wonen even buiten de grenzen van het keizerrijk, deze taal ongetwijfeld kenden.
De bewoners van het Schiereiland waren al even weinig geneigd afstand te doen van de beschaafde taal, waarin hunne landgenooten Martialis, Lucanus en Seneca zooveel hadden bijgedragen tot den roem der Romeinsche letteren. Een militaire alleenheerschappij is meestal niet bijzonder gelukkig in hare pogingen, een overwonnen volk hare taal op te dringen, tenzij de overmacht van wapenen gepaard gaat aan letterkundige bekwaamheid: en de Visigothen, die niet in staat waren, zich in dit opzicht te meten met de zeer beschaafde kolonisten van Spanje, kwamen er in den loop der tijden gemakkelijk toe, de Romeinsche taal tot de hunne te maken. Hunne ongeletterdheid was echter niet de eenige reden voor het verlies van hunne taal, want ofschoon zij in militaire bekwaamheden uitblonken boven hunne tegenstanders, waren zij in getal verreweg de mindere. Zij hadden bij hun inval in het Romeinsche rijk weinig vrouwen medegebracht, en waren dus genoodzaakt, vrouwen uit het overwonnen land te huwen, die hunne kinderen de Romeinsche taal leerden. Het noodzakelijk verkeer tusschen overwinnaar en overwonnene schiep in den loop der tijden een potjes-Latijn, dat in zijn verhouding tot het klassiek Latijn te vergelijken was met het Engelsch van de handeldrijvenden aan de Stille Zuidzee. [3]
The book keeps going
Reading is free forever. Sign up and watch scenes appear while you read.



Scenes Storieta drew for other classics.
New illustrated classics
Once or twice a month: the latest books to get full character casts, scene art, and free comic editions. No account needed.