Storieta
English
Sign up

The opening · free to read

LORD LISTER GENAAMD RAFFLES DE GROOTE ONBEKENDE.

NO. 301 HET EINDE VAN EEN SCHRIKBEWIND.

HET EINDE VAN EEN SCHRIKBEWIND.

HOOFDSTUK I.

WIE IS DE MOLOCH?

John Raffles alias Lord Lister, de gentleman-inbreker, bevond zich nog steeds te New-York, want het geheim van de bende van Het Kwade Oog hield nog steeds al zijn aandacht gevangen.

Reeds verscheidene weken geleden was hij, vergezeld door zijn trouwen vriend Charly Brand en den chauffeur Henderson, die hem eveneens in menig gevaarlijk avontuur trouw ter zijde had gestaan, naar de Vereenigde Staten gekomen.

En dat niet langs den gewonen weg, maar met het meest moderne voertuig, de vliegmachine.

Het was de „Duivel der Lucht”, ontsproten aan het geniale brein van den Grooten Onbekende, die de drie mannen had overgebracht, in iets minder dan tien uren.

Wat had Raffles wel kunnen bewegen, den nog altijd gevaarlijken overtocht te volbrengen?

Niets anders dan zijn zucht naar avonturen—en dan ook zijn behoefte om den strijd voort te zetten met den man, dien hij als zijn doodsvijand beschouwen moest, den aanvoerder van het wijdvertakte misdadigersgenootschap, dat van den Gouden Sleutel.

De naam van dezen man was Dokter Fox, en hij was op zijn beurt naar Amerika gegaan, ten einde daar door eigen aanschouwing zich een denkbeeld te vormen van de wijze waarop de bende van Het Kwade Oog optrad.

Slechts een paar maanden geleden was deze bende gesticht, en in dat korte tijdsverloop had zij schrik en angst weten te verspreiden door haar meedoogenlooze wreedheid, de geheimzinnigheid waarmede zij te werk ging, de onafwendbaarheid van haar vonnissen, en haar groot aantal leden.

Maar ook Raffles was spoedig in aanraking gekomen met deze vreeselijke bende en dat op eene wijze, welke voor de bandieten zeer ernstige gevolgen had—binnen enkele weken waren er eenige dozijnen leden in gevechten met de politie gedood, gewond, of gevangen genomen.

En dit alles was geschied door toedoen van John Raffles.

De oorsprong van zijn bemoeiingen lag in de omstandigheid dat de Bende van het Kwade Oog aan een der rijkste inwoners van de stad, den staalfabrikant Peter Vandyke, den eisch had gesteld om een ontzaglijke groote som, niet minder dan vijf millioen dollar, op een bepaalde plaats te deponeeren.

Dit geheele plan was in duigen gevallen toen Raffles er zich mede bemoeide, en hij zelf was met een groot deel van den buit gaan strijken.

Daarna had hij nog menig gevaarlijk avontuur beleefd, en na eenigen tijd had het den schijn alsof de bende zoo goed als vernietigd was toen bijna alle luitenants van den aanvoerder, op slechts weinigen na, in handen der politie vielen, alweder door toedoen van Raffles.

Maar de inwoners van New-York hadden te vroeg gejuicht.

Want de vreeselijke bende leek niet in den wortel te zijn aangetast, de geheimzinnige aanvoerder, die door zijn volgelingen „De Moloch” werd geheeten, was en bleef onvindbaar.

Door een toevalligen samenloop van omstandigheden was Raffles er, een paar dagen voor de gebeurtenissen welke wij thans zullen beschrijven, bijna in geslaagd, het geheim te doorgronden, het geheim van den Moloch.

Maar door een onvoorzichtigheid liep hij in een val, en het was slechts te danken aan de stoutmoedigheid van Charly Brand en Henderson dat hij bevrijd werd uit de cel, waarin de geheimzinnige aanvoerder hem had doen opsluiten, na hem te hebben verklaard dat hij niet meer dan vier en twintig uren zou krijgen om te bewijzen dat hij inderdaad de man was voor wien hij zich te New-York had uitgegeven, namelijk Willem van den Heuvel, een Nederlandsch staalhandelaar, die zaken kwam doen met Peter Vandyke.

Daar Raffles dat onmogelijk zou hebben kunnen aantoonen, en een enkel telegram aan den Amerikaanschen consul-generaal in Nederland voldoende zou zijn geweest, om het bedrog aan den dag te brengen, wist Raffles wel dat de dood hem wachtte, en hij zou waarschijnlijk reeds niet meer tot de levenden behooren als Charly en Henderson, om den terriër Busto niet te vergeten, hem niet ter hulp waren gekomen.

En zoo was Raffles dus weder in vrijheid, in ervaring rijker, maar nog steeds in het onzekere verkeerend, wat betreft de identiteit van den Moloch.

Zeker, hij was bij dit vreeselijke wezen in een vertrek geweest—maar hij was gebonden, en van het bendehoofd gescheiden door een gazen scherm. De Moloch zat in het donker—, hij zelf daarentegen stond in het volle licht. En van den geheimzinnigen bandiet had hij dus niets anders kunnen waarnemen dan zijn eigenaardige oogen en blijkbaar met opzet veranderde stem.

Het was omstreeks zeven uur in den morgen, toen Raffles en zijn beide makkers zich bevonden in de eenvoudig gemeubelde kamer van een huis in een der volksbuurten.

In deze woning hadden zij eenigen tijd vertoefd onder het mom van vertalers en copiisten, en Henderson had er gewoond gedurende den tijd, dat de zoogenaamde Willem van den Heuvel en zijn secretaris, welke rol door Charly Brand vervuld werd, in het Washington Hotel hadden gelogeerd.

Busto, de moedige terriër van Raffles, lag aan de voeten van zijn meester en scheen er innig over verheugd te zijn, dat hij hem zulk een grooten dienst had kunnen bewijzen.

Raffles had Charly en Henderson de hand toegestoken en zeide nu met een klank in zijn stem, die er slechts zelden in te hooren was:

—Zonder jullie, mijn vrienden, zou mijn lot beslist zijn geweest, en zou de aanvoerder van de bende van Het Kwade Oog mij stellig ter dood laten brengen, want hij kent geen medelijden voor iemand, die hem in den weg staat.

De oogen van Charly Brand schemerden vochtig, toen hij met trillende stem antwoordde:

—Ik dank den Hemel, Edward, dat wij Busto hebben medegenomen, want ik twijfel er aan, of wij zonder hem je verblijfplaats wel zouden hebben ontdekt!

—Ja, de hond heeft zich dapper gedragen! hernam Raffles, terwijl hij het fraaie dier over den kop streelde, hij heeft den hond van den Moloch zijn tanden laten voelen, en hem verscheurd! Apropos—herinnerd jullie je nog, hoe dat dier er uit zag? Dat zou wel eens een kostbare aanwijzing kunnen zijn!

—De hond was gitzwart, met wollig haar, op den kop na, die rood was met een zwart masker! antwoordde Charly onmiddellijk.

—Een vreemde combinatie—een zwart lichaam met een rooden kop, zeide Raffles hoofdschuddend, welk ras had de hond?

—Dat zou ik je waarlijk niet kunnen zeggen, antwoordde Charly, het dier had de grootte en den vorm van een Duitschen staanden hond, of ook wel van een Aire Dale Terriër—maar het haar geleek wel dat van een poedel of van een krulharigen Herdershond, een Rotweiler bijvoorbeeld.

—Het dier was daar zeker in den kelder van het huis, waar ik gevangen zat, vastgemaakt, om alarm te maken en indringers tegen te houden, zeide Raffles nadenkend.

—Is het niet mogelijk, Mylord, dat de hond aan een ander dan aan den Moloch toebehoort? vroeg Henderson nu.

—Neen, mijn vriend, dat komt mij niet waarschijnlijk voor, antwoordde Raffles; geen van de tien mannen die daar waren, en die een soort rechtbank samenstelden, zou het gewaagd hebben op eigen gezag een hond mede te brengen.

—Wat ben je nu eigenlijk van plan, Edward? vroeg Charly. Wordt het niet tijd om maar eens naar Londen terug te keeren, begin je niet genoeg van New-York te krijgen?

The book keeps going

Keep reading, and see it illustrated

Reading is free forever. Sign up and watch scenes appear while you read.

Illustrated scene from The Great GatsbyIllustrated scene from Pride and PrejudiceIllustrated scene from Alice's Adventures in Wonderland

Scenes Storieta drew for other classics.

New illustrated classics

A new classic, drawn, in your inbox.

Once or twice a month: the latest books to get full character casts, scene art, and free comic editions. No account needed.