Storieta
English
Save & sign up

About this book

Dit verhaal behoort tot de detective‑ en misdaadreeks “Lord Lister”, een reeks van korte, sensatie‑gedreven dime‑novels die in de vroege twintigste eeuw in periodieke bladen verschenen. Het opent met een levendig gesprek tussen John C. Raffles en zijn metgezel Charly Brand, waarin zij een bizarre anekdote over een oude fruitvrouw en een vermeende arrestatie door de politie van Baxter bespreken. De dialoog leidt al snel naar een rit in een cabriolet richting de Tower, waarbij de personages hun plannen en observaties over militaire oefeningen, een “mensbeul” kapitein en een glinsterend diamanten sigarettencase delen. Deze introductie zet meteen een sfeer van humor, scheldwoorden en ruwe straattaal neer, terwijl de personages al hint geven naar een naderende confrontatie met een kapitein McGovern.

De vertelstijl is ruig, vol archaïsche uitdrukkingen en een mengeling van Engelse en Nederlandse termen, typerend voor de pulp‑detectives van de jaren ’20. Het tempo is snel, de dialogen scherp en de beschrijvingen gedetailleerd, waardoor de lezer zich in een bruisend Londen van die tijd waant. Liefhebbers van vintage speurverhalen, fans van snode karakters en iedereen die geniet van een knipoog naar historische figuren en de ruwe humor van vroeg‑twentieth‑century feuilletons zullen zich hier thuis voelen.

Characters in Lord Lister No. 0045

  • John C. RafflesElegant early‑1900s gentleman, tailored frock coat, waistcoat, pocket watch, neatly trimmed moustache, slicked hair, polished leather shoes
  • Charly BrandRugged young man, flat‑cap, rough‑spun shirt, suspenders, knotted cravat, stubble beard, sturdy boots, leather satchel
  • BaxterMiddle‑aged detective, dark frock coat, deerstalker hat, pipe, sharp eyes, crisp shirt, brass‑buttoned trousers

The opening · free to read

Ook Charly Brand greep naar zijn hoed en sprak tot zijn vriend, die al in de deur stond:

„Wil je zonder vermomming de straat op gaan?”

„Natuurlijk!” lachte Lord Lister.

„Baxter en zijn detectives herkennen mij het allerminst, wanneer ik zoo ga. Ik had korten tijd geleden het genoegen om te zien, hoe onze wederzijdsche vriend een oude fruitvrouw, een Iersche met zeere oogen, een wijf van minstens zeventig jaar, die in de buurt van Piccadilly rotte sinaasappelen verkocht, met behulp van zijn detectives gevangen nam, onder de beschuldiging”—hij lachte hartelijk—„dat zij John C. Raffles was en haar naar Scotland Yard liet brengen. Schitterend, nietwaar?”

„Als jij het mij niet vertelde, zou ik het niet gelooven. Het klinkt wel een beetje onwaarschijnlijk!”

„En zij had een bochel, zooals de hofnar van wijlen koningin Elisabeth van Engeland niet eens had. Je weet immers, Charly, dat die koningin van gebochelde mannen hield!”

„Merkwaardig,” antwoordde Charly Brand, „bestudeer jij de geschiedenis?”

„Dat was immers vroeger mijn geliefkoosde studie,” merkte zijn vriend op, „ik lees graag over de bijzonderheden van historische personen.”

„Het is vreemd,” sprak de secretaris, „dat Elisabeth, die bekend stond als iemand met veel schoonheidsgevoel, er een dergelijke gril op nahield. Hoe kun je dat verklaren?”

„Mijn beste jongen, ik heb te veel achting voor je onschuld, dan dat ik jou zou willen verklaren, welke bijzondere aantrekkelijkheden koningin Elisabeth vond in haar half dozijn gebochelde hofnarren.

„Maar kom nu mee!

„En omdat wij juist over koningin Elisabeth spreken, willen wij onze wandeling maken naar de plek, waar die dame met de ijzersterke zenuwen haar breede voeten heeft gezet. Laat ons naar den Tower gaan!”

„Het is jammer, dat jij niet professor in de geschiedenis bent geworden! Je hebt een eigenaardige gave om droge onderwerpen op interessante wijze te behandelen.

„Verklaar mij die geschiedenis van koningin Elisabeth toch eens nader!

„Je vertelt mij daar allerlei moois omtrent mannen met bochels, ijzersterke zenuwen en een half dozijn hofnarren—dat is inderdaad genoeg om niet alleen een vrouw, maar zelfs een man nieuwsgierig te maken.”

„Als wij in het rijtuig zitten, zal ik het je vertellen.”

„Prachtig!” riep Charly Brand, „zoo gauw mogelijk een huurrijtuig!”

Hij snelde de trap af, opende de huisdeur en riep een cab aan, die, volgens Londensch gebruik, midden op de straat stond.

„Naar den Tower!” riep Raffles den koetsier toe en sprong in het rijtuig, terwijl Charly Brand hem volgde.

Nadat zij eenigen afstand hadden afgelegd, sprak de secretaris:

„Je beloofdet mij, mij het een en ander over die ijzersterke zenuwen te vertellen.”

„Ja,” antwoordde John Raffles, „kijk eens naar het paard voor deze cab! Een mooi beest, nietwaar?”

„Jawel,” knikte de jonge man, „maar wat heeft dat paard te maken met koningin Elisabeth van Engeland?”

Raffles boog zich naar hem toe en fluisterde:

„Heb je nooit gehoord, dat in den Tower—”

Het rumoer op straat maakte het verdere onverstaanbaar.

„Een sigaret?” vroeg John Raffles na een korte pauze, terwijl hij zijn met diamanten versierd sigarettenétui te voorschijn haalde uit zijn borstzak.

Dit étui had hij twee jaar geleden den grootvorst Wladimir in Monte Carlo afhandig gemaakt.

Charly Brand nam een sigaret, Lord Lister eveneens.

Daarop liet hij de stralen der zon op het étui vallen, zoodat de diamanten in bonte kleurenpracht schitterden.

„De dame, die dit waardevolle voorwerp eenmaal weggaf, heeft veel overeenkomst met die Engelsche koningin. Het was de bekende Catharina, die haar gunsteling Iwanoff voor zijn staatkundige bekwaamheden dit étui vereerde.”

„Ik weet niet, wat je vandaag bezielt!” sprak Charly Brand.

„Misschien wil je mij nu een beetje gaan vertellen van de intimiteiten van Catharina en haar kamerdienaar, den lateren vorst Iwanoff.”

„Als het je genoegen doet,” antwoordde zijn vriend lachend, „ik ben tamelijk goed op de hoogte.”

„Dank je, ik heb nu genoeg,” antwoordde Charly Brand, „ik geloof, dat de warmte invloed op je heeft. De wandeling in den Tower aan de koele Theems zal je goed doen!”

„Wij zullen er het beste van hopen!” sprak John Raffles met de grootste kalmte.

Het verdere gedeelte van den tocht legden zij zwijgend af en, nadat zij de Towerbrug over gereden hadden, stapten zij uit en namen bij den conciërge kaarten om toegang te krijgen.

Met langzame schreden gingen zij de brug over, welke over de breede, vroegere slotgracht voert; deze gracht is nu gedempt en herschapen in een grasveld, dat als exercitieveld dienst doet voor de Iersche garde, welke in den Tower verblijf houdt.

Juist toen zij midden op de brug waren gekomen, marcheerde een afdeeling van dit regiment in de bekende nauwe broeken, de roode jasjes en de grijze kepi’s, naar buiten om te gaan exerceeren.

John Raffles monsterde met de belangstelling van een gewezen officier de rijzige, krachtige, gespierde gestalten.

The book keeps going

Keep reading, and see it illustrated

Reading is free forever. Sign up and watch scenes appear while you read.

Illustrated scene from Pride and PrejudiceIllustrated scene from Alice's Adventures in WonderlandIllustrated scene from The Adventures of Sherlock Holmes

Scenes Storieta drew for other classics.

New illustrated classics

A new classic, drawn, in your inbox.

Once or twice a month: the latest books to get full character casts, scene art, and free comic editions. No account needed.