
Public-domain ebook
Lord Lister No. 0024: De heilige schat van den Siwa
by Matull, Kurt; Blankensee, Theo von
Language: nl371 downloads on Project Gutenberg
Subjects
Public-domain ebook sourced from Project Gutenberg #71147.

Public-domain ebook
by Matull, Kurt; Blankensee, Theo von
Language: nl371 downloads on Project Gutenberg
Subjects
Public-domain ebook sourced from Project Gutenberg #71147.
The opening · free to read
LORD LISTER GENAAMD RAFFLES DE GROOTE ONBEKENDE.
NO. 24 DE HEILIGE SCHAT VAN DEN SIWA.
DE HEILIGE SCHAT VAN DEN SIWA.
EERSTE HOOFDSTUK.
HET GEVECHT MET DEN TIJGER.
„Seradschi!”
De Mohammedaansche herbergier, die te midden van een groep geloofsgenooten en Indiërs stond, naderde den jongen man, die hem had geroepen en welke op een Arabier geleek, hoewel zijn gelaat onmiskenbaar een Engelsch type had.
„Weet je zeker, dat het een tijger was?” vroeg de vreemdeling.
„Ja, Sidi! Ik heb zijn spoor gezien! Het is groot en scherp geteekend. Het moet dus een wijfje zijn, en Allah moge het vervloeken! Bijna elken dag verscheurt zij mij een mijner schapen. Ik ben een arme koffiehuishouder en bezit slechts 22 schapen. Kan zij niet naar iemand gaan, die het beter kan missen?”
„Waarom maak je haar niet dood?”
„Het wijfje van den gelen tijger dooden? Weet gij niet, dat er een Scheitan onder haar huid woont en dat die iedereen verscheurt, welke haar kwaad wil doen?”
De jonge Engelschman keerde zich lachend tot zijn vriend, die naast hem op een deken lag en in het Engelsch sprak hij tot dezen:
„Wat denk jij er van, Charly, zullen wij den Scheitan eens onschadelijk maken?”
„Ik ben gaarne bereid, Edward,” antwoordde de gevraagde.
De persoon, die met den naam Charly werd toegesproken, was een jonge man van misschien vijf-en-twintig jaar. Klaarblijkelijk was hij een Engelschman, evenals zijn vriend, die een flinke dertiger kon zijn, en evenals deze, in een witte burnous gehuld, zooals de Arabieren die dragen.
Beiden rookten uit korte aarden pijpjes en genoten van de voor hen staande Turksche koffie.
De herberg, waarin dit gesprek werd gevoerd, lag in een dal, dat omringd was door steile rotswanden. In het oosten bevond zich een nauwe pas, die naar den karavaanweg geleidde, welke door de woestijn liep.
De Engelschman vatte het gesprek weer op en sprak tot den herbergier, die voor hem stond:
„Maar als je het wijfje van den tijger niet doodt, dan zal het ten slotte ook jou verscheuren!”
„Zij zal ver van mijn huis blijven, al vermoordt zij mijn kudde ook. Wie driemaal per dag bidt, is veilig voor alle wilde dieren.”
„Ik bezit iets, dat machtiger is en dat mij tegen alle vijanden beschermt.”
„Leer mij, wat het is, o heer!”
„Leeren kan ik het je niet, maar ik wil het je laten zien!”
De Engelschman had zijn geweer ter hand genomen, dat naast hem lag, en legde het schertsend aan op den Arabier.
Verschrikt sprong deze op zij.
„Vlucht, mannen! De Sidi heeft zijn verstand verloren en wil ons vermoorden!”
Onder de weinige gasten van het koffiehuis ontstond een groot tumult. Allen drongen opzij om buiten schot te komen.
Vroolijk riep Lord Lister, want hij was de Engelschman, terwijl hij zijn geweer neerzette:
„Blijft rustig zitten, mannen. Ik wil niemand van u dooden, maar ik zal u van den tijger bevrijden. Seradschi, breng mij naar de plek, waar je schapen zich bevinden.”
„Maar heer, zijt gij dol? Verlangt gij, dat ik nu, in den nacht, met u naar buiten zal gaan om mij door het ondier te laten verscheuren?”
„Beschrijf mij dan de plaats, waar je schapen zijn.”
„Op nauwelijks honderd pas afstands van hier, in het zuiden, waar al die steenen liggen.”
Lord Lister was opgestaan en had zijn buks opgenomen. Het mes stak reeds in zijn gordel.
Ook zijn vriend Charly stond op, zijn geweer opnemende.
Lord Lister vroeg de drie bedienden, die hem vergezelden:
„Wie van u gaat mee?”
Alle drie sprongen op. Vrees stond duidelijk op hun gelaatstrekken te lezen. De grootste van hen, een Mohammedaan, trad naar voren en sprak, terwijl hij de armen als afwerend uitstrekte:
„Ik dank Allah, dat ik het leven heb! Gij kunt niet verlangen, heer, dat ik het aan de wilde dieren geef.”
„Dus je bent bang, Hassan!”
Op de bekende, bloemrijke wijze van alle Oostersche volken, die altijd in overdrijving vervallen, antwoordde deze:
The book keeps going
Reading is free forever. Sign up and watch scenes appear while you read.



Scenes Storieta drew for other classics.
New illustrated classics
Once or twice a month: the latest books to get full character casts, scene art, and free comic editions. No account needed.