
Public-domain ebook
Papieren Kinderen: Novellen En Schetsen
Language: nl428 downloads on Project Gutenberg
Subjects
In: Novels
Public-domain ebook sourced from Project Gutenberg #29429.

Public-domain ebook
Language: nl428 downloads on Project Gutenberg
Subjects
In: Novels
Public-domain ebook sourced from Project Gutenberg #29429.
The opening · free to read
Daar stond hij dan nu voor de deur, gereed om te schellen.
Met een zucht, die als een zenuwachtige huivering over zijn lippen gleed, zei hij in zichzelf: »Hier moet 't zijn," en keek oplettend naar de zwarte letters op 't porseleinen naambordje aan den deurpost.
»W. F. Hostein" 't stond er duidelijk, hij was dus terecht. Zijn hand beefde een weinig, toen hij den blank geschuurden koperen schelknop aanvatte, en als geschrikt van den helderen metaalklank trok hij snel de hand terug en zocht haastig in den achterzak van zijn jas naar de garen handschoenen, die hij onder weg had gekocht; hij begon ze aan te trekken. Ze gingen moeilijk over zijn klamme vingers.
Vragend zag het kleine dienstmeisje, dat de deur opende, hem aan.
»M'neer thuis?"
»Wie bedoelt u? Menheer,--of meneer Hostein, die hier binnenshuis woont?"
»Meneer Hostein!"
»Jawel, die is thuis, maar....."
»Niet te spreken misschien?"
»Meneer is aan 't studeeren voor van avond en...."
»O zoo! Vraag hem dan even: wanneer of 't schikt dat ik weerom kom." Een ietwat smoezelig naamkaartje, dat haar werd toegereikt, deed het meisje zeggen: »Wacht u dan maar effentjes."
Terwijl zij de gang doorging, las ze halfluid: »Adriaan Walten, tooneelspeler a/d. K. S." en onwillekeurig keek zij even om naar den ouden man, die met zijn hoed in de hand op de vloermat stond. In een oogwenk zag zij, hoe afgedragen en oud zijn jasje, hoe grauw zijn linnengoed was en hoe zonderling zijn grijze pantalon hem op de hielen hing.
Vóórdat zij nog de trap op kon gaan, riep van boven uit 't portaal een welluidende mannenstem: »Is de kapper daar, Antje? Laat hem dan maar boven komen."
»Neen, meneer; 't is een..." 't Woord »heer" wilde niet vlot over Antjes lippen. Vlug wipte zij de trappen op en fluisterde zacht: »'t Is zoo'n raar persoon, weet u, zoo'n..." Zij reikte 't kaartje over.
Beneden in de gang trok Adriaan Walten met zenuwachtige rukjes den linkerhandschoen verder aan en wischte zich met de beverige rechterhand een paar droppels van 't hooge voorhoofd, terwijl hij in de spiegelruit van de tochtdeur, die op 't haakje was vastgezet, trachtte te ontdekken of zijn das en boord goed zaten.
»Kom boven, meneer Walten!" klonk van het portaal af de mannenstem; 't meisje verscheen opnieuw voor den wachtenden oude en zei, lichtlijk hijgend door 't haastige trap op- en af snellen: »Gaat u maar naar m'neers kamer, de trap op linksom; de deur zal u wel zien."
In den deurpost, half beschenen door de zon, die, tusschen de gedeeltelijk dichtgeslagen overgordijnen door, een baan helder licht in de kamer werpt, staat een nog jeugdig man, met een joviaal rond, gladgeschoren gezicht; op 't kort gesneden haar draagt hij een roode Fez; een kleurige kamerjapon omgeeft zijn slanke figuur en een witte pantalon met geborduurde pantoffels voltooien zijn ochtendkleeding. Den bezoeker afwachtend, roept hij hem vroolijk toe: »Pas op 't drempeltje, ouwe heer: 't is een beetje duister op 't portaal."
De »ouwe heer" nadert met zijn hoed in de hand. Nogmaals klinkt hem een: »voorzichtig!" tegen en dan hoort hij uit een blauwige wolk van sigarettenrook de woorden: »Leef je nog, papa Walten?--Kom binnen."
Langzaam komt Walten het vertrek binnen; hij ziet even rond, met een bijna schuwen blik, vóórdat hij antwoordt.
't Is alsof die stemmig behangen kamer, met de fraai gesneden eikenhouten meubels hem ontstemt, alsof dat sierlijke, gemakkelijk ingericht vertrek hem onaangenaam aandoet, want om zijn mond speelt eensklaps een pijnlijk droevige trek en zijn wenkbrauwen fronsen zich merkbaar terwijl hij enkele seconden de oogleden sluit.
»'t Is hier mooi, fijn!" zegt hij zacht, zóó zacht dat de andere 't niet verstaat en vriendelijk vraagt:
»Zei je wat, Walten?"
»U woont hier chic, comfortabel, meneer Hostein. Ik hoop niet, dat ik u erg kom hinderen, maar...."
»Volstrekt niet, papa Walten; voor u heb ik altijd wel een oogenblikje over."
»Dat dacht ik wel, meneer Hostein."
»Hé?"
»Ik zal u ook niet lang ophouden, meneer Hostein."
»Maar Walten, ben je nou heelemaal.....? Zeg je: »Meneer"--en dàt tegen mij, je ouwen leerling Willem?"
»Ja, maar meneer Hostein..."
»Ben je gek, ouwe heer; wat beteekent dat? Weet je niet meer hoe ik heet?"
Een glans van vreugde glijdt bij 't hooren van dien hartelijken toon als een zonneschijntje over 't gelaat van den ouden Walten, en als toegevend aan een plotselinge opwelling van vertrouwelijkheid steekt hij beide handen uit naar den vóór hem staanden jongen man, terwijl een: »Willem, beste jongen!" zijn mond ontsnapt.
»Zoo! dàt mag ik hooren!" Hartelijk drukt Hostein Waltens magere handen, terwijl hij vraagt: »Waarmee kan ik je dienen, papa?"
Eenige seconden lang ziet Walten den jongen man diep treurig aan met doffe, moedelooze oogen en dan barst hij plotseling los met:
»Ik ben zoo ongelukkig, Willem!"
Hostein werpt vluchtig een blik op 't oude beduimelde kaartje, dat hij in de hand houdt, leest de woorden: »Tooneelspeler a/d K. S." en terwijl hij denkt: »Aan den Koninklijken Schouwburg,--dat's heel lang geleden, arme vent!" zegt hij met een kleine trilling in zijn stem: »Is 't waarachtig?"
»Ja, ik weet nu geen raad meer."
»Arme ouwe kerel!"
»'t Is hard, hé! dat ik zóó voor jou moet komen staan! Maar...."
»Kom! kom! je zult wel te helpen zijn.--Is 't alleen dàt?" Hostein maakt de beweging van geld tellen.
»Niet alleen; maar--toch...."
The book keeps going
Reading is free forever. Sign up and watch scenes appear while you read.



Scenes Storieta drew for other classics.
New illustrated classics
Once or twice a month: the latest books to get full character casts, scene art, and free comic editions. No account needed.