Storieta
English
Sign up

The opening · free to read

Indrukken van Finland

Door Jonkvrouwe Clara Engelen.

Suomi is de zachte, welluidende, droomerige naam, dien de Finnen hun land hebben gegeven. Het is de naam van het land, dat in den laatsten tijd onze aandacht tot zich trekt, welks strijd voor vrijheid en oude rechten onze belangstelling gaande houdt.

Finland is voor ons, Hollanders, betrekkelijk onbekend. Waarschijnlijk zou het dat voor mij ook gebleven zijn, als het gelukkige toeval mij niet met eene Finsche had samengebracht, en ik niet in de gelegenheid ware geweest om Finland tweemaal te bezoeken.

Een paar jaar geleden nam ik het besluit, mijne finsche vriendin naar haar land te vergezellen en weinige dagen later waren we te Lübeck, om des avonds van daar met de Storfürsten [1] naar Helsingfors te vertrekken. Voor dat we ons plaatsbewijs voor den overtocht kregen, moesten wij onzen pas laten zien en hem later op de boot dadelijk afgeven. Groot was de Storfürsten niet; zij leek mij zelfs in 't oogvallend klein, maar ik wist toen nog niet bij ondervinding, dat de Oostzee zeer weinig golfslag heeft en dus ook door betrekkelijk kleine schepen kan bevaren worden. De zeventien passagiers waren voor het meerendeel Finnen, die naar hun land terugkeerden, blij het conservatieve Midden-Europa, zooals zij dat uitdrukken, te kunnen verlaten. Mijn vriendin had spoedig een paar kennissen gevonden, bij wie we ons gedurende de reis aansloten en met wie ik heel wat heb afgepraat. Bij meer dan één gelegenheid hebben we het Noorden en Midden-Europa met elkaar vergeleken, en telkens viel het mij op, hoe er door deze lieden met een zekere minachting gesproken werd over het laatste, dat als zeer behoudend en overbeschaafd bestempeld wordt.

Een ander thema dat ter sprake kwam, was de emancipatie. De Finnen zijn wat dit punt aangaat, zeer vooruitstrevend. Co-educatie b.v. is iets dat van zelf spreekt. Bijna alle meisjes doen hun "baccalaureat", [2] studeeren eenige jaren en zoeken vervolgens eene betrekking. De Finnen stellen er een groote eer in, dat zij andere landen zooveel vooruit zijn, maar hebben tevens de neiging om alles af te keuren, wat niet òf uit Zweden, òf uit hun eigen land stamt.

Opmerkelijk is het, dat de Finnen zich buiten hun land nooit recht thuis voelen; zij zijn geen kosmopolieten en het best te waardeeren in hun eigen omgeving; daar zijn ze gezellig en buitengewoon gastvrij voor vreemdelingen. Zoo hebben zij tijdens de reis al het mogelijke gedaan om mij niet buiten hunne gesprekken te sluiten en mij van hun land alles te vertellen, waarin ik belang kon stellen. Om mij genoegen te doen spraken ze ook onder elkaar duitsch, en werd er eens wat in 't zweedsch of finsch gezegd, dan was er altijd iemand die als tolk dienst deed.

De avonden op de Storfürsten waren wel het gezelligst. Het weer was bizonder goed en dus konden we tot laat in den avond op het dek zitten. Eerst werd er gepraat, en als de late schemering begon te vallen, werden er liederen gezongen met een langzamen rhythmus, in een voor mij onbekende weeke, zoetvloeiende taal. Geruischloos stoomde de Storfürsten over het water, dat effen was als een ijsvlak en waarin, aan den kant van het Noorden de lichte streep der ondergaande zon werd weerspiegeld. Nog later steeg de maan uit de zee op en vertoonde zich als een groote schijf aan den wolkeloozen hemel. In de verte, aan den horizon, zag men de lichten der vuurtorens van Gothland, Dagö en Ösel.

Ook den laatsten avond zouden we op het dek doorbrengen, maar ... om drie uur 's middags kwam er mist, tegen vijf uur begon de boot eigenaardig te schommelen en om acht uur was de storm in vollen gang. Dienzelfden nacht voeren wij de Finsche golf binnen en in den morgen bereikten we Reval. Hier kwam de douane aan boord en inspecteerde niet alleen de bagage maar ook onze passen. Ze zagen er krijgshaftig uit die grenswachters met hunne uniformen, hooge laarzen en groote slagzwaarden. Toen ik me hierover eene opmerking veroorloofde, werd mij dadelijk het zwijgen opgelegd met een: hou je stil, anders krijg je last van hen! In Reval hadden we een uur tijd om de stad te bezichtigen. De alles overheerschende indruk, dien ik kreeg, was, dat huizen, straten en menschen onbeschrijfelijk vuil zijn. De bevolking heeft het bizondere type, dat aan den russischen moeijik herinnert: een goedige, domme, slaperige uitdrukking van het gezicht, lange baarden, recht afgesneden haar; een roode kiel, die tot de knieën reikt, en de voor een Rus onmisbare hooge vetlaarzen. Verder vielen me de kleine rijtuigen op, getrokken door paarden, die gespannen zijn in een hoog halsstel en bestuurd worden door een koetsier met een langen, blauwen jas aan en een platten, hoogen hoed op. Gaarne waren wij wat langer in Reval gebleven, doch we moesten naar de boot terug.

Om twaalf uur kwam Helsingfors in 't gezicht; eerst als een witte streep aan den gezichteinder, maar spoedig kon men enkele gebouwen onderscheiden, zooals de russische kerk met haar blinkende koperen koepels. We voeren nu niet meer door de open zee, maar tusschen de talrijke eilandjes, die voor de finsche kust liggen. Dit zijn de "scheren", die Helsingfors een natuurlijke haven geven. Sommige van die scheren zijn bewoond, andere niet; er zijn er begroeid met boomen, en ook die als kale klippen boven het water uitsteken. Voor men te Helsingfors aankomt, vaart men langs Sveåborg, de vesting, vroeger door de Zweden en nu door de Russen bezet. Zij wordt streng bewaakt en de toegang is voor ieder verboden. [3] Er wordt beweerd, dat er staatsgevangenen onder in de kelders zitten opgesloten; van andere zijde heb ik dit beslist hooren tegenspreken. In de nabijheid van Sveåborg ligt nog een eilandje, door militairen bezet. Men zegt dat ook daar gevangenen zijn; niemand mag het eiland naderen; te middernacht legt er een boot aan, om de bezetting van voedsel te voorzien. Er werd gefluisterd, dat de vader van Schumann [4] daar gevangen zat. Een andere persoon verzekerde mij, dat er niets bizonders aan het eiland is en dat het tot Sveåborg behoort; hij voegde er bij: de Finnen houden van mysterieuse geschiedenissen en nemen dikwijls zeer onzekere dingen voor waar aan.

We konden niet te Helsingfors aan land komen voordat de douane ons de passen had teruggegeven. De namen van de passagiers werden afgeroepen en ieder moest maar zorgen zijn pas terug te krijgen, want zonder pas wordt men nergens toegelaten, waar de Russen hunne oppermacht doen gelden.

Helsingfors is in 1550 gesticht en sedert 1817 de hoofdstad van het finsche groothertogdom. Eerst na dien tijd is het een stad van eenige beteekenis geworden. Het is een moderne stad, als 't ware volgens een vast schema gebouwd, met rechte straten, afgewisseld door mooi aangelegde en goed onderhouden parken. De groote beweging is op de Esplanade: daar zijn de cafés en daar is elken avond muziek. In de nabijheid van Helsingfors zijn talrijke gelegenheden om des avonds te soupeeren, of de middaghitte te ontloopen. Wie in Helsingfors is geweest, kent ongetwijfeld: Klippan (de klip), Alphyddan (de alpenhut) Brunsparken en Högholmen. Klippan is een van de scheren; vooral des avonds heeft men er een prachtig uitzicht: aan den eenen kant de zee met de vele eilanden, aan de andere zijde het silhouet van de stad en de haven. Als men eenmaal des avonds op Klippan is, vergeet men den tijd; zoo tenminste ging het mij, want zelfs om 11 uur was het nog niet geheel donker. Als men dan laat in den avond in Helsingfors terugkomt, zijn de straten meer bevolkt dan midden op den dag. De stad is namelijk in den zomer zeer warm; wie kan, gaat van Mei af naar buiten, en zij die in Helsingfors moeten blijven, gaan eerst tegen den avond uit. De familie waar ik zou logeeren, was ook met de geheele huishouding buiten, en alleen de heer des huizes was naar Helsingfors gekomen, om met zijne dochter mij de stad te laten zien. Omdat we dus geen bediening in huis hadden, namen we onze maaltijden in een restaurant. Zoo maakte ik in Brunsparken nader kennis met de zweedsche keuken, [5] waarvan ik op de Storfürsten al een voorproefje had gehad. Men begint het middagmaal met smörgos, [6] dat gedekt staat op eene groote tafel in 't midden van de eetzaal. Bedien u zelf! heet het hier. Men neemt een bordje, vork en mes en begint van al de lekkernijen, die gereed staan, wat op te pikken; een radijs, een stukje knäckebröd, [7] wat gerookt rendiervleesch, wat wittebrood; maar pas op, het brood zoowel als de gemarineerde sardines zijn zoet van smaak! Het smörgos wordt staande gegeten en het kost heel wat moeite eer men leert, handig met vork en mes te manoeuvreeren en ook om de lekkerste beetjes te vinden. Voor de heeren staat er brandewijn klaar, dames drinken nooit daarvan. Na het "smörgos" begint het eigenlijke middagmaal. Volgens het menu kan men als eerste gerecht kiezen, soep of "tilbunke". Heeft men den moed dit laatste te bestellen, dan komt er eene glazen kom met ... "hangop"; in Zweden en Finland eet men deze spijs des zomers in plaats van soep. Verdere verrassingen komen er met het eten niet dikwijls voor, alleen is alles met veel vet klaargemaakt, maar daar went men aan.

Alphyddan is een meer bescheiden uitspanningsoord, maar ligt heel mooi te midden van een bosch. Zoo dicht bij een stad zou men niet een dergelijke "wildernis" verwachten. Alleen de rijwegen zijn goed onderhouden, voetpaden vindt men er bijna niet. Het bosch staat voor iedereen open, men mag loopen waar men wil, verboden wegen zijn er niet, men mag er bloemen plukken zooveel men lust heeft; maar van 't vernielen van planten is geen sprake, want de Finnen leeren van hunne jeugd af aan zorg te dragen voor het algemeen eigendom.

Högholmen, het "hooge eiland", is de dierentuin, waar de rendieren, die daar in vrijheid rondloopen, wel het merkwaardigst zijn.

Ik trof het niet, dat in Helsingfors alle openbare gebouwen wegens de zomervacantie gesloten waren. Oude gebouwen vindt men er in 't geheel niet; maar de moderne vertoonen een zeer merkwaardigen stijl. Dit is de "nieuwe finsche stijl", die voornamelijk symbolistisch is; de huizen zijn versierd met allerlei mystieke gedrochten, die in het Kalevala, de Volkssage der Finnen, worden genoemd. De bouw van de huizen schijnt terug te gaan op een stijl, die in overoude tijden in Finland gebruikt werd; dit heeft mij de bekende finsche architekt Eliel Saarinen zelf verteld. Al die nieuwe huizen hebben een naam, aan het Kalevala ontleend. Een van die gebouwen is de finsche schouwburg, waarop de Finnen zeer trotsch zijn en waarin nationale stukken gespeeld worden door hun groote tooneelspeelster Aino Acté.

Mist men in Helsingfors de oude gebouwen, nog eigenaardiger is het wellicht, dat er geene achterbuurten zijn: de huizen van rijken en armen staan naast en door elkaar.

Als vervoermiddel in de stad heeft men de electrische tram, maar meestal maakt men gebruik van een van de vele rijtuigen, die overal gereed staan. Het rijden in Helsingfors is zoo goedkoop, dat ook de volksklasse er gebruik van maakt. De rijtuigen, alle voorzien van gummibanden, zijn kleine victoria's, waarin slechts voor twee magere personen plaats is; de rugleuning is bizonder laag. Het paard, op russische manier aangespannen, loopt vlug, zelfs daar, waar het in de heuvelachtige straten bergop gaat. De koetsier heeft ongeveer dezelfde kleeding als die, welke ik in Reval zag en bedient zich zeer zelden van het korte zweepje, waar hij gewoonlijk op zit.

The book keeps going

Keep reading, and see it illustrated

Reading is free forever. Sign up and watch scenes appear while you read.

Illustrated scene from The Great GatsbyIllustrated scene from Pride and PrejudiceIllustrated scene from Alice's Adventures in Wonderland

Scenes Storieta drew for other classics.

New illustrated classics

A new classic, drawn, in your inbox.

Once or twice a month: the latest books to get full character casts, scene art, and free comic editions. No account needed.